Waarom een ondernemersfonds?

In Nederland zijn al ongeveer 50 gemeenten je voorgegaan met een gemeentebreed ondernemersfonds. De redenen om er een op te zetten zijn per doelgroep net anders, maar altijd overtuigend. Kies hieronder jouw situatie.

Waarom een ondernemersfonds?

Bestuurlijk voordeel, uitvoeringspartner, politiek resultaat

Ondernemersverenigingen die putten uit fondsbudget hebben een stabiele financiële basis en kunnen hun mandaat verbreden van alleen hun eigen leden naar het hele trekkingsgebied. Voor de gemeente betekent dat bestendiger partners, in plaats van verenigingen die kampen met freeriders (gratis-meerijders), krappe contributies en wisselende capaciteit.

Cofinanciering werkt twee kanten op. Het fonds kan bijdragen aan gemeentelijke doelen rond verduurzaming, veiligheid en leefbaarheid, én zelf optreden als cofinancieringspartner voor subsidies van provincie, rijk en Europa. Gebieden zonder georganiseerde tegenpartij zien dat geld vaak voorbijgaan.

Draagvlak voor gemeentelijk beleid, omdat ondernemers mede-eigenaar zijn van de uitvoering. Minder weerstand, meer partnerschap.

Zichtbaar en meetbaar resultaat. Een ondernemersfonds is concreet en politiek aansprekend.

Geen rijkssubsidie nodig. Het instrument is wettelijk verankerd en financiert zichzelf via de OZB.

Collectieve investeringen in veiligheid worden haalbaar: gezamenlijke surveillance, camerabeveiliging en een zichtbaar aanwezige park- of centrummanager. Dat verlaagt de aantrekkelijkheid van een gebied voor ondermijning en versterkt de sociale controle tussen ondernemers.

Een ondernemersfonds via de OZB is geen klassieke belastingverhoging voor de algemene middelen. De extra opbrengst wordt geoormerkt en vloeit volledig terug naar ondernemers zelf, die gezamenlijk de besteding bepalen. De gemeente mag het fonds niet gebruiken om eigen taken af te schuiven. Het is een collectieve investeringspot van ondernemers, geen verkapte bezuiniging.

De bijdrage is gekoppeld aan de WOZ-waarde van het pand. Kleine ondernemers met een bescheiden locatie betalen proportioneel weinig. De tariefstelling wordt democratisch vastgesteld via het gemeentelijk besluitvormingsproces.

De vrees dat een ondernemersfonds veel ambtelijke capaciteit vraagt is begrijpelijk, maar in de praktijk omgekeerd. Na de opstartfase neemt het fonds een deel van de coördinatie over die nu bij de gemeente ligt. Structureel betekent een goed ingericht fonds minder gemeentelijke betrokkenheid bij de uitvoering, niet meer.

Het traject lijkt ingewikkeld, maar er is een bewezen stappenplan en ongeveer 50 gemeenten gingen je voor met een gemeentebreed ondernemersfonds. De kennis is beschikbaar en het wiel hoeft niet opnieuw uitgevonden te worden.

Let op:

Fondsen stuiten regelmatig op politiek verzet in de gemeenteraad. Tijdig en juist informeren van raadsleden, bij voorkeur per fractie, vergroot de kans op een soepel raadsbesluit aanzienlijk. Dit verdient een bewuste strategie naast het bestuurlijke traject.

"Ondernemers maken met het fonds de stap van losse projecten naar structurele verbetering. Ik raad het altijd aan."

Susanne Schilderman, wethouder Economische Zaken, gemeente Utrecht.

Een veelgehoorde zorg

Wordt een ondernemersfonds straks gebruikt om gemeentelijke taken af te schuiven?

Dat is een terechte vraag. In de praktijk wordt dit geborgd via het non-substitutiebeginsel: de afspraak dat de gemeente haar bestaande investeringen in het gebied handhaaft. Dit principe is in vrijwel alle convenanten verankerd en vormt een van de basisvoorwaarden voor een goed werkend fonds. Het vraagt wel om heldere afspraken vooraf en een stevige positie van de ondernemers aan tafel.

Veelgestelde vragen

Dit is een van de meest praktische bezwaren en het verdient een eerlijk antwoord. Bij een gemeentebreed ondernemersfonds via de OZB is er geen formele stemming zoals bij een BIZ. De opslag wordt vastgesteld via een gemeentelijk besluit, waarbij draagvlak bij de ondernemersvertegenwoordiging een voorwaarde is maar geen unanimiteit vereist. In de praktijk worden soms wel stemmingen per ondernemersvereniging of per deelgebied gehanteerd als vorm van draagvlakmeting. Vooraf overleg met ondernemers is wel gebruikelijk en verstandig, want draagvlak bepaalt of een fonds echt slaagt. Partijen met weinig binding aan het gebied betalen mee maar hebben ook invloed via de fondsstructuur. Hoe die inspraak is geregeld verschilt per gemeente en is onderdeel van de lokale afspraken.

Vastgoedeigenaren zijn via de OZB-opslag automatisch bijdrager aan het fonds, ook als ze weinig binding hebben met de dagelijkse gang van zaken. Via trekkingsrechten kunnen eigenaren zeggenschap krijgen over de besteding van hun eigen bijdrage, wat betrokkenheid stimuleert zonder dat ze de uitvoering hoeven te dragen. In de praktijk blijkt deze constructie een effectieve manier om ook passieve eigenaren aan tafel te krijgen.

Zeker. Een gemeentebreed ondernemersfonds omvat in principe het gehele grondgebied van de gemeente, inclusief het buitengebied. Agrarische bedrijven betalen via de OZB niet-woningen mee en kunnen via trekkingsrechten een eigen deelgebied vormen. Zo worden de gelden die agrarische ondernemers inbrengen ook specifiek voor doelen in het buitengebied ingezet, zoals collectieve energie-initiatieven of leefbaarheidsprojecten in kleine kernen. Dat voorkomt de weerstand die soms ontstaat als ondernemers in het buitengebied het gevoel hebben mee te betalen aan projecten die hen niet raken. Door agrarisch gebied als apart trekkingsgebied aan te wijzen blijven de belangen overzichtelijk en wordt iedereen serieus genomen. Er zijn goede voorbeelden van fondsen die ook in een landelijke context goed functioneren. Voor meer informatie over de aanpak in het buitengebied kun je via Stel je vraag in contact komen met een ervaren specialist.

Een bestaande BIZ is geen reden om een ondernemersfonds niet te overwegen, maar het vraagt om een zorgvuldige afweging. De belangrijkste verschillen: een BIZ vereist een draagvlakmeting en kan worden weggestemd door een minderheid van eigenaren of gebruikers. Een gemeentebreed ondernemersfonds via de OZB kent die drempel niet en heeft een bredere grondslag. De twee vormen kunnen goed naast elkaar bestaan. Een gemeentebreed fonds kan via trekkingsrechten ruimte bieden aan bestaande BIZ-gebieden, zodat de opgebouwde structuur en het lokale draagvlak niet verloren gaan. Een ondernemersfonds kan bovendien helpen bij het verlengen van een aflopende BIZ, door een bredere en stabielere financiële basis te bieden. Ondernemersfonds Dordrecht is een voorbeeld van een fonds dat op dit snijvlak zijn meerwaarde heeft bewezen. Een overgang van BIZ naar ondernemersfonds is mogelijk maar vergt voorbereiding: juridisch, bestuurlijk en in de communicatie richting bijdragers. Voor wie die stap overweegt is het stellen van een vraag een logische eerste stap.

Een ondernemersfonds vraagt om een werkbare basisrelatie tussen ondernemers en gemeente. Is die er niet, dan is een fonds oprichten inderdaad lastig. Maar het omgekeerde is ook waar: een goed ingericht fonds kan bijdragen aan het herstel van vertrouwen, omdat het de rolverdeling helder maakt. De gemeente int, het fonds beheert, ondernemers beslissen. Of een fonds kansrijk is hangt sterk af van de lokale context: de onderlinge sfeer onder ondernemers, de bereidheid van de gemeente om los te laten en de aanwezigheid van een trekker die het initiatief wil dragen. Twijfel je of de situatie in jouw gemeente rijp is? Stel je vraag